"Het gaat wel"
Ik sta niet bekend als ál te handig. Geen fatale ongelukken en nog nooit iets (gediagnosticeerd) gebroken, wel wat stuntwerk. Stoeprandjes, putdeksels, Duitse kuilen in het zand; ik zie ze weleens over het hoofd. Waarna ik als een soort stripfiguur plat op mijn neus ga. Ik blijf nog nét niet even in de lucht hangen. Zo ook op deze zonnige zondag. Ik stortte ter aarde voor een drukbezet terras en bereidde me alvast voor op de grapjes en natuurlijk ook op de bezorgde burgers die ik gerust zou moeten stellen. Wat beschaamd krabbelde ik overeind, keek om me heen: niets. Het gekeuvel en de chats hadden zich niet laten onderbreken en zetten zich onbekommerd voort. Ik kon met mijn beurse knieën ongezien mijn weg vervolgen. Daar kwam ik mooi mee weg.
Maar na de eerste opluchting en een stiekeme schadecheck om het hoekje kwam de verontwaardiging. Is wat oog hebben voor een ander tegenwoordig te veel gevraagd? Was mijn performance niet indrukwekkend genoeg?
Ik doe wel vaker aan terrasoptredens. Eén keer heb ik zelfs een staande ovatie in ontvangst mogen nemen. Mijn zoon van drie zat in een bootje in een pretpark en besloot halverwege het rondje op een eiland uit te stappen. Dus daar hing hij: beide armen op de wal, beide benen nog in het bootje. Mijn moederinstinct had weinig tijd nodig en sprong voor het oog van het afgeladen terras de vijver in om haar peuter van de verdrinkingsdood te redden. Het water bleek twintig centimeter diep en mijn zoon was inmiddels door mijn metgezel op de kant geholpen, gewoon via het bruggetje. Ik heb nog een week lopen soppen in mijn schoenen. Maar ik was wél gezien en het verhaal komt nog regelmatig bovendrijven tijdens feestjes en partijen.
Dus wanneer je me weer eens onderuit ziet gaan of te water: vraag even of het gaat. Waarna je me mag uitlachen of toelachen of applaus mag geven. Ik zal hetzelfde doen bij jóu. Dat maakt het toch een stuk gezelliger.
